|
De productie van één kilo varkensvoer kost vier tot vijf kilo ruwvoer. Energie, grondstoffen en ruimte worden daarmee niet efficiënt ingezet. Ook de productie van andere voedingsmiddelen verloopt vaak zeer inefficiënt. |
![]() |
![]() |
|
| Nederland heeft veel kennis op het gebied van intensieve landbouw en biedt daardoor bij uitstek een proeftuin voor de ontwikkeling van nieuwe voedingsmiddelen, efficiënte agrarische technologieën en duurzame vormen van landgebruik. Een duurzame voedselproductie is zowel mogelijk op de volle grond (teelgrond) als in een beschermde omgeving zoals in kassen. Daarnaast zijn sommige agrarische producten direct voor consumptie geschikt, terwijl andere producten geschikt zijn om te verwerken tot basisstof voor samengestelde voedingsmiddelen. Middels een analyse van het behoefteveld 'Voeden' zijn in DTO richtingen geselecteerd waarbinnen concreet inhoud gegeven kan worden aan een duurzame voedselvoorziening:
Sleutel Voeden, spectrum van een Duurzame Voedselvoorziening, DTO, 1997. Map resultaten fase A en werkplannen fase B/C, DTO, AB-DLO, Heidemij Advies B.V., MIBI-RUL, Stichting WCL Winterswijk, juni 1996. Hightech agroproductie De teelt van groenten vindt grotendeels in kassen plaats. Voordeel hiervan is dat er een hoge productie wordt bereikt en er gewassen worden geteeld die in Nederland anders niet zouden groeien. Kasteelt heeft ook nadelen, zoals het hoge energiegebruik. Van het Nederlandse aardgas wordt zo'n tien procent door de tuinbouw opgeslokt. Een tweede nadeel is de centralisatie van de teelt: dit veroorzaakt transport en verliezen: naar schatting acht procent van de productie bereikt de consument nooit. Een duurzaam, gesloten productiesysteem is mogelijk als we drie principes aanhouden. In de eerste plaats moeten we het gebruik van fossiele brandstoffen voorkomen door zonne-energie te gebruiken. Het tweede principe is het sluiten van stofkringlopen: door verdampt water terug te winnen door middel van condensatie worden alle stoffen optimaal benut. Het derde principe is: produceren waar de monden zijn. Hierdoor komen alle geproduceerde groenten met minimale middelen en met minimale uitval bij de consument aan. Literatuur Met betrekking tot 'Hightech agroproductie' zijn onderstaande documenten verschenen binnen het DTO-programma, die u kunt bestellen of downloaden: Sleutel Voeden, Spectrum van een Duurzame Voedselvoorziening, DTO, 1997. Bestellen bij Uitgeverij ten Hagen & Stam b.v. Geïntegreerde conversie De bewerking en verwerking van samengestelde voedingsmiddelen kost veel energie en leidt tot een aanzienlijke hoeveelheid afval. Het lijkt mogelijk om teelt en bewerking beter op elkaar af te stemmen door deze te integreren in één systeem. Het concept van geïntegreerde conversie bestaat uit twee samenhangende onderdelen. Het eerste onderdeel is een vorm van precisielandbouw: goed gecontroleerde teelt van gewassen die eventueel genetisch zijn gemodificeerd. Het tweede onderdeel is een zogenoemde biorefinery, waar via eenvoudige processen plantaardige grondstoffen worden bewerkt tot eindproducten. Zo kunnen we met een beperkt aantal micro-organismen een veelheid aan voedingsstoffen maken. Literatuur Met betrekking tot 'Geïntegreerde conversie' zijn onderstaande documenten verschenen binnen het DTO-programma, die u kunt bestellen of downloaden: Sleutel Voeden, Spectrum van een Duurzame Voedselvoorziening, DTO, 1997. Novel protein food In de menselijke behoefte aan eiwitten wordt grotendeels voorzien door vlees. Er zijn ook nieuwe eiwithoudende producten mogelijk, beter bekend onder de benaming novel protein food (NPF). Deze kunnen gemaakt worden op basis van allerlei plantaardige eiwitdragers en op basis van micro-organismen. Het grote voordeel van NPF is, dat de productie ervan met aanzienlijk minder grondstoffen en energie kan plaatsvinden dan de productie van vlees. Ook de uitstoot van ongewenste stoffen is aanzienlijk kleiner. Het is niet waarschijnlijk dat het stukje vlees van vandaag op morgen achterwege blijft, maar er zijn zeker kansen voor NPF in samengestelde producten. Literatuur Met betrekking tot 'Novel protein food' zijn onderstaande documenten verschenen binnen het DTO-programma, die u kunt bestellen of downloaden: Sleutel Voeden, Spectrum van een Duurzame Voedselvoorziening, DTO, 1997. Sensortechnologie Een duurzame voedselproductie hangt voor een belangrijk deel af van nauwkeurige instrumenten en interpretatiemodellen om groeiprocessen te monitoren en om de teeltomstandigheden optimaal te beïnvloeden. Aan nieuwe sensoren en geavanceerde meetsystemen is in alle vormen van agroproductie veel behoefte. Er liggen dus nieuwe kansen voor dergelijke apparatuur. Literatuur Met betrekking tot 'Sensortechnologie' zijn onderstaande documenten verschenen binnen het DTO-programma, die u kunt bestellen of downloaden: Sleutel Voeden, Spectrum van een Duurzame Voedselvoorziening, DTO, 1997. Consument, Voeding en Milieu In dit project bestudeerden DTO en NRLO gezamenlijk de milieubelasting van voedingsmiddelen in het consumententraject. Dit traject loopt vanaf het moment van aankoop tot aan de afvalfase, inclusief alle handelingen die de consument met of naar aanleiding van het product verricht: transport, gekoeld bewaren, bereiden, afwassen, etc. De NRLO is inhoudelijk in het project geïnteresseerd. Het gaat DTO vooral om het leerproces en de verankering van de DTO-aanpak, waarmee in dit project een groep uit de voedingsmiddelenwereld wordt geconfronteerd. Zowel DTO als NRLO zoeken naar strategieën die kunnen helpen de milieubelasting van de consumentenfase op langere termijn drastisch terug te brengen. Het project heeft laten zien dat een interactieve aanpak kan leiden tot iteratie. De stakeholders zagen in het eerste concept van de probleemoriëntatie onvoldoende basis om met dit onderwerp verder te gaan. Vandaar dat deze fase in het proces opnieuw is doorlopen, waarbij een aantal stakeholders een direct begeleidende rol kregen. Deze aanpak heeft geleid tot een daadwerkelijk betere probleemoriëntatie op grond waarvan ook een bredere groep stakeholders het probleem kon erkennen en een stap verder (naar de toekomstoriëntaties) konden en wilden zetten. Een belangrijk resultaat van het project is dat verschillende stakeholders erkennen dat de milieubelasting in de consumentenfase dermate groot is dat deze aandacht verdient. Uit de in het project geschetste toekomstbeelden blijkt dat er nog een grote inspanning nodig is om duurzaamheidsdoelstellingen op lange termijn te halen. Er is nog weinig zicht op sociaal-culturele ontwikkelingen. In een vervolgonderzoek zouden juist deze ontwikkelingen in relatie met technologie in kaart moeten worden gebracht. Literatuur Nieuwe Veehouderijsystemen Het programma Nieuwe Veehouderijsystemen levert een bijdrage aan systeeminnovatie in de veehouderij. Twee grote lijnen kwamen in de discussies met stakeholders nadrukkelijk naar voren. In de eerste plaats is dat de vraag of het omgaan met dieren gebaseerd moet zijn op 'beheersen' of 'ontlokken'. De tweede grote lijn bespant de ruimte tussen grondonafhankelijke dierlijke produktie en multifunctioneel grondgebruik. In het programma zijn wensbeelden samengesteld uit verschillende elementen die in interviews, workshops en discussies zijn aangedragen: 'combinatieland', 'belevingsdierhouderij', reguliere veehouderij' en 'biologische productie'. Deze beelden sluiten elkaar niet uit; ze bestaan naast elkaar. In de loop van het jaar worden de innovatiedoelen op lange termijn met verschillende groepen via backcasting vertaald in ideeën voor projecten. De onderzoekscapaciteit van het programma wordt dan via tendering beschikbaar gesteld aan de geselecteerde projecten. Informatie DLO-Instituut voor Dierhouderij en Gezondheid tel. 0320 238 068 Dr.ir. S.F. Spoelstra Internet: http://www.vsys.nl
|
|||